Dubbel intervieuw KNP – Vz COR i.o.
Vandaag op de 27e verdieping van de Hoftoren geweest. Aldaar was door @ericstolwijk een dubbel interview georganiseerd tussen de Kwartiermaker Nationale Politie (Gerard Bouman) en de voorzitter van de Centrale Ondernemingsraad in oprichting (Frank Giltay). Aan de voorkant van dit interview was niet bekend gemaakt waar het interview over zou gaan. Het was echter niet verrassend dat het belangrijkste onderwerp de rol van beide partijen in de oprichting van de Nationale Politie was. Beide heren gaven, ieder vanuit hun eigen verantwoordelijkheid, antwoorden op de stevige vragen die gesteld werden. De conclusie die getrokken kon worden na het interview was dat er niet heel veel verschil zat tussen de inzichten van Gerard en Frank m.b.t Nationale Politie en de medezeggenschap. Binnen afzienbare tijd zal dit interview geplaatst worden in de korpsbladen.
Tags: Gerard Bouman • interview • Nationale Politie

heb het interview in RR nog niet gezien. Ben wel heel benieuwd. De gelijke inzichten komen wat mij betreft in het Ontwerpplan toch niet echt uit de verf. Daarin wordt wat mij betreft best eng gedaan over MZ en CGOP bijvoorbeeld. (zie paragraaf 7 pag 65 en 66).
Dank je wel Frans voor je reactie. Altijd goed om te zien dat mensen de site bezoeken en ook nog reageren. Afgesproken dat het intervieuw zeer binnenkort in de communicatiebladen kan komen te staan. Uiteraard ook hier op,deze website inzichtelijk. Volg eea via Twitter en je weet alles wat dat betreft.
Deze reactie komt zo lang na het verschijnen van het KLPD magazine op 19 november 2011 omdat ik niet bij het KLPD werk en een verwijzing naar het interview kennelijk eerder over het hoofd heb gezien.
Het volgende citaat waar Frank (op basis van de gebruikte aanhalingstekens) letterlijk in wordt geciteerd geeft mij als personeelslid beslist een heel ongerust gevoel: “De kwartiermaker moet vliegensvlug dit korps neerzetten. Vanuit mijn ervaring met veranderkunde besef ik dat snelle besluitvorming dan onvermijdelijk is. Dat veroorzaakt vanzelfsprekend onzekerheid en verzet. Daarvoor sluiten we onze ogen en oren niet, maar ze weerhouden ons evenmin.”
Kort daarop geeft Frank overigens ook nog aan: “Met de kwartiermaker als sleutelfiguur zet iedereen zich keihard in voor de eerste prioriteit: aan de wensen van de minister voldoen ten behoeve van de politieke besluitvorming.”
Zolang in de politieke besluitvorming niet terugkomt wat eerder door diezelfde politiek is gesteld, namelijk dat de verbeteringen bij de politie erop gericht moeten zijn om te zorgen dat de criminaliteit effectiever en omvangrijker wordt aangepakt en dat daartoe de mensen in de uitvoering optimaal moeten worden gefaciliteerd, met name blijkend uit de kennelijke opdrachten aan de kwartiermaker om primair de al ingeboekte bezuinigingen te realiseren, is in mijn ogen voor de medezeggenschap eerder aan de orde om zich kritisch over de politieke aansturing uit te laten dan (zoals ik het voel) begrip te tonen voor de lastige opdracht die Bouman heeft (maar overigens ook heeft aanvaard).
In de woorden van Frank vind ik begrip doorklinken voor het feit dat Bouman nu eenmaal snel moet handelen. Daar had wat mij betreft tenminste tegenover moeten staan dat de COR de minister en de kwartiermaker zal houden aan wat op blz. 33 van het Programmaplan (dd,. 19-09-2011) staat over gebruik van kwaliteitscriteria (en dat die dan ook openbaar dienen te zijn. Formeel onderkent ook de kwartiermaker dat er een spanning is tussen de verwachte/vereiste snelheid en de gewenste zorgvuldigheid.
Zonder verwijzing naar zorgvuldigheid vind ik het ongpast om vanuit de medezeggenschap ongeclausuleerd aan te geven dat het natuurlijk verzet tegen een hoge snelheid de COR niet zal “weerhouden”. Welke goede ervaringen (of voorbeelden vanuit Frank’s “ervaring met veranderkunde”) zijn er waarin een reorganisatie in een omvang en complexiteit zoals nu binnen de politie in zo’n hoog tempo én met voldoende (of zelfs hogere) kwaliteit is verlopen? En waren de randvoorwaarden daarbij enigszins vergelijkbaar?
Zeker zo zorgelijk vind ik het dat uit Frank’s mond is opgetekend dat hij -kennelijk met instemming- constateerd dat iedereen zich keihard inzet om aan de wensen van de minister te voldoen.
In mijn ogen moet de medezeggenschap zich zo neutraal mogelijk opstellen ten opzichte van wat ten aanzien van de inhoud politiek wordt gewenst of zelfs vereist. Van belang is op ssteds te benadrukken wat vanuit de positie en de deskundigheid van de medewerkers van belang is. Voor zover dat overeenstemt met wat ‘de politiek’ wil is dat mooi meegenomen. En natuurlijk dient er besef te zijn van de betekenis van politieke besluiten. Maar als medewerkers -en het verlengde daarvan de medezeggenschap- zijn hoeven we ons er niet volledig door te laten leiden.
Ik verzoek Frank én de andere l;eden van de COR tot uiting te laten komen dat (waar medewerkersbelangen en -wensen en visie op de organisatie) nu éénmaal niet per definitie gelijk lopen aan wat de (in ons geval politie en ‘ambtelijke’) leiding van de organisatie voor ogen staat de medezeggenschap wél per definitie kritisch staat (en dat is niet altijd leuk, weet ik uit eigen ervaring) ten opzichte van die leiding.